Door Owen Venloo
Vijftig jaar onafhankelijkheid en er is nog steeds geen nationaal diasporabeleid, geen officieel standbeeld namens de staat voor Henck Arron en geen wettelijke regeling voor de grondenrechten van Inheemsen en tribale Afro-Surinamers. Dat zijn drie zware moreel-spirituele fouten van de Surinaamse politieke leiders. Het is geen toeval dat Suriname al decennia stagneert. Het is het gevolg van keuzes, of beter: het uitblijven van keuzes. ‘Karma en spiritualiteit doen niet aan politiek. Het goede wordt altijd beloond en het foute wordt altijd bestraft.’
![]() |
| Owen Venloo |
De eerste fout is het
ontbreken van een nationaal Surinaams diasporabeleid. Een land met zo’n grote
diaspora als Suriname kan niet zonder een apart overheidsorgaan dat dit beleid
coördineert. Ofwel een minister voor diasporabeleid, ofwel een directoraat
onder buitenlandse zaken. Al in 1975 is met het Nederlandse kabinet Den Uyl
namens de diaspora afgesproken dat Suriname een dergelijk beleid zou
ontwikkelen. Het staat impliciet vastgelegd in artikel 5, lid 2, van de Toescheidingsovereenkomst
van 1975. Maar geen enkele Surinaamse regering daarna heeft de visie en ambitie
getoond om deze contractuele verplichting na te komen.
Als dat wel was gebeurd, was
er in 1980 geen staatsgreep gepleegd. En dan zat Suriname nu, net zoals in
1976, nog steeds in de topdrie van economieën in Zuid-Amerika. De Surinaamse
diaspora heeft sinds 1975 miljarden guldens, dollars en euro’s naar land en
volk doen vloeien. Uit pure liefde. En wat krijgen wij terug van de politieke
leiders en de Surinamers daar? Negativisme en beledigende opmerkingen in plaats
van liefde. De etnische groepen in Nederland, die worden gesteund door het
diasporabeleid van hun land, zoals Marokko en Turkije, passeren de Surinaamse
gemeenschap intussen in alle sectoren, links en rechts. Het is pijnlijk om te
zien.
"President Venetiaan en president Santokhi hebben gefaald om het onrecht tegen Arron te corrigeren"
Standbeeld voor Henck Arron
De tweede fout is het
ontbreken van een officieel standbeeld voor Henck Arron. Als we naar alle
cijfers kijken over de Surinaamse economie en maatschappij in de jaren na 1975,
dan kan niet anders worden geconcludeerd dan dat Suriname toen in vrijwel alle
opzichten behoorde tot een topland in Zuid-Amerika. De militaire staatsgreep in
1980 was op geen enkele manier het gevolg van bedoelde cijfers. Henck Arron heeft
Suriname op een voorbeeldige manier onafhankelijk gemaakt en verdient een
officieel standbeeld op “zijn onafhankelijkheidsplein”, maar de politieke
leiders in Suriname, inclusief van zijn eigen NPS, vinden dat niet nodig. de
NPS heeft wel een standbeeld van Arron gerealiseerd nabij een zij-ingang van de
koloniale Palmentuin. Een onvergefelijke fout, want de Palmentuin was en is ook
een koloniale begraafplaats. Die fout zal de NPS spiritueel duur komen te
staan. Vanaf de plaatsing van Arrons standbeeld op deze koloniale plek in 2007
heeft de NPS alle verkiezingen vanaf 2010 dramatisch verloren. President
Venetiaan en president Santokhi hebben gefaald om het onrecht tegen Arron te
corrigeren. En zij zijn beiden niet toevallig dood.
Voor mij en velen die ik
spreek blijft het onbegrijpelijk dat de plek, pal voor het paleis, waar het
standbeeld van koningin Wilhelmina stond, niet door president Venetiaan is
benut om een standbeeld van zijn eigen ‘blakaman’
te plaatsen, die Suriname op een voorbeeldige wijze onafhankelijk heeft
gemaakt. Karma en spiritualiteit hebben dit niet ongestraft gelaten. Venetiaan
en NPS hebben de verkiezingen 2010 dramatisch verloren en Venetiaan en Santokhi,
beiden direct betrokkenen, zijn inmiddels overleden. In Suriname hebben ze alles
nog erger gemaakt door op Arrons onafhankelijkheidsplein wel een standbeeld
neer te zetten van Lachman. En die was tegen de onafhankelijkheid. Dan vraag je
om spirituele bestraffing. Ba suku, ba veni, ba tjari.
"In Suriname doen ze al bijna twintig jaar met de Inheemsen wat de witten hebben gedaan met de zwarte Zuid-Afrikanen: minachten"
Grondenrechten van Inheemsen
De derde fout is het ontbreken
van een wettelijke regeling voor de grondenrechten van Inheemsen en tribale
Afro-Surinamers. In Suriname doen ze nu al bijna twintig jaar hetzelfde met de
oorspronkelijke bewoners (Inheemsen) wat de witten hebben gedaan met de zwarte
Zuid-Afrikanen: minachten. In 2007 heeft het inter-Amerikaans mensenrechtenhof
Suriname veroordeeld tot het wettelijk regelen van deze grondenrechten op hun
traditionele woongebieden. Het hof heeft in zijn vonnis helder en duidelijk de
grote lijnen aangegeven hoe bedoelde regeling eruit moet zien. Suriname moet
bijvoorbeeld ervoor zorgen dat er een rechtspersoonlijkheid bezittende
belangenorganisatie voor inheemsen en tribalen komt. Maar noch president Venetiaan
noch justitie minister Santokhi heeft serieus werk gemaakt van het regelen van
deze en andere grondenrechten van onder andere inheemsen, de oorspronkelijke
bewoners van Suriname.
Ik heb beiden herhaaldelijk
gewezen op de ernstige spirituele gevolgen als zij ook deze derde
moreel-spirituele doodzonde niet zouden herstellen. Beiden hebben inmiddels de
prijs betaald. En Suriname zal het ook in de toekomst niet
redden als komende regeringen blijven weigeren om het onrecht te herstellen c.q. te corrigeren.
Tot slot. Karma en spiritualiteit
doen niet aan politiek. Het goede wordt altijd beloond en het foute wordt
altijd bestraft.
Over Owen Venloo
Mr. Owen Venloo is wetgevingsjurist staats- en bestuursrecht. Verder was hij Ombudsman en oud hoofdbestuurslid van de PvdA. Hij mengt zich regelmatig in het publieke debat, onder meer over het Surinaamse diasporabeleid en sociaal-economische vraagstukken.









